| 01 | Uitverkoren |
| 02 | Iedereen heeft een auto |
| 03 | Speelplastiek |
| 04 | Alleen in de stilte |
| 05 | Tweede liefde |
| 06 | Ameland |
| 07 | Man en Land |
| 08 | Meer en minder |
| 09 | Orchidee tussen de paardebloemen |
| 10 | Joods kind |
| 11 | Tijd |
| 12 | Geen afscheid |

Op de cd Uitverkoren staan 12 theaterliedjes. Het is een selectie uit een repertoire van pakweg 200 composities die ik tussen 1978 en 2018 maakte op werk van verschillende tekstschrijvers. Bij iedere titel verzamelde ik informatie, oerversies, verwante opnames, programmaboekjes, verhalen, foto's en video's. Klik op de titels hiernaast om deze pagina's te bezoeken en de nieuwe opnames te beluisteren.
Bekijk het op een pc of laptop en beluister het met een koptelefoon voor de beste resultaten.
Dit is de link naar alle 12 tracks op YouTube
01 Uitverkoren Leo Dijkstra/Addy Scheele 1997
Friese titel: Popke oan’e string. Letterlijk Baby aan een draadje, maar eerder een woordspeling met het Engelse Puppet on a string. [Friese tekst&Vertaling]
Uit: Leontien, een soloprogramma/monoloog van Leny Dijkstra in het seizoen 1997-1998. [Programmaboekje]
De tracks 01-05-06-07-08-12 op de cd zijn oorspronkelijk in het Fries geschreven. Om ze voor een breder publiek toegankelijk
te maken heb ik ze in het Nederlands vertaald.
Originele versie:
Leontien is leeuwentemster (dompteuse) en het publiek is er getuige van dat ze zich in haar woonwagen voorbereidt op haar afscheidsvoorstelling. Daarmee komt er een einde aan de dynastie van dompteuses die steeds van moeder op dochter is overgeërfd. Onderwijl vertelt ze over het circus en alle perikelen die dit reizende artiestenbestaan met zich meebrengt.
Dankzij het initiatief van toneelmeester Jaco Scheffer is het geluid van deze voorstelling opgenomen tijdens een optreden van Leny Dijkstra in theater Odeon in Zwolle op 4 april 1998.
Hieronder de reel met de meeste liedjes uit de voorstelling. Op YouTube is de indeling in hoofdstukken te zien.
De rijke fantasie van tekstschrijver Leo Dijkstra en de voordrachtskunst van Leny maakten dit tot een unieke voorstelling.
Al vertellend neemt Leny ons mee in de wereld van het circus, met artiesten en roofdieren, successen en tegenslagen, avonturen en romances. Een knappe prestatie, ga maar na:
De hele voorstelling - meer dan anderhalf uur! - alleen op het podium, zingen met begeleiding van een orkestband en ondertussen de dynamiek van het verhaal blijven vasthouden met alleen maar je stem als instrument.
Dat is een groot applaus waard!
De volledige voorstelling is hier als podcast te beluisteren:
Hoogtepunt
Het programma Leontien is voor mij om meerdere redenen een hoogtepunt in mijn theaterloopbaan. Voor het eerst was ik de enige componist/arrangeur voor een avondvullend stuk. Bij alle producties daarvoor werden de teksten meestal verdeeld onder verschillende componisten. Nu mocht ik alle muziek componeren, arrangeren en produceren.
Verder viel deze voorstelling niet meer onder de noemer cabaret, maar eerder onder muziektheater. Leontien bevatte een doorgaand verhaal met een dramatische ontwikkeling en hoewel er de nodige humor inzat, was de lach niet meer het hoogste doel. Dit sprak mij uiteindelijk meer aan dan de typische cabaret formule liedje-conference-liedje-conference, waarbij de actualiteit en het engagement de onderwerpen bepaalden, en waar vooral om gelachen moest kunnen worden.
Meestal zaten er in een cabaretvoorstelling wat verstilde momenten: een overpeinzing of een chansonachtig lied. Dat waren voor mij de hoogtepunten van het programma, omdat daar als componist/begeleider de meeste eer aan te behalen viel. Maar zo’n verstild moment moest ook weer niet te vaak, want dan zou de voorstelling ‘sterven in schoonheid‘, zoals dat in het jargon heet. Dat snapte ik ook wel, maar die voortdurende jacht op spitsvondige kwinkslagen vond ik soms wel wat vermoeiend. Van Is De Baas Ek Thús in 1982 tot en met Taal Op It Spoar in 2018 zag ik Leny’s ontwikkeling van entertainende cabaretière tot serieuze actrice/zangeres. De behoefte aan langere verhaallijnen en meer psychologische verdieping van de personages leek gelijk op te gaan met die van haar echtgenoot, tevens hofleverancier van de meeste teksten, schrijver Leo Dijkstra.
De liedteksten werden poëtischer en daar maakte ik als componist dankbaar gebruik van. Die behoefte aan verdieping mag bij een artiest, schrijver of componist bestaan, maar moet dan nog wel op het toneel worden waargemaakt.
Het veelzijdige talent van Leny gekoppeld aan een professionele toewijding stonden daar in ieder geval garant voor.
Tekstschrijver Leo Dijkstra
Orkestband
De orkestband voor Leontien (toen een cd en nu meestal een track in een laptop, maar we blijven uit gewoonte orkestband zeggen) nam ik helemaal in mijn eigen homestudio op. Inmiddels had ik ruime arrangeerervaring opgedaan voor lp- cd- en theaterproducties. En soundtracks maken bij audiovisuele producties met muzieksoftware was ook geen onbekend terrein meer voor me. Bovendien kon ik gebruik maken van een stel goeie muzikanten, naar eigen selectie. De keuze voor een orkestband heeft consequenties. Voor de uitvoerende artiest is een directe wisselwerking met de begeleiders tijdens het optreden niet mogelijk, want een track gaat onverbiddelijk door, wat er ook gebeurt. Dat is op te lossen. Door een intensieve voorbereiding samen met de uitvoerenden kun je met muzieksoftware goede resultaten boeken. Tempowisselingen hoeven geen probleem te zijn, als je de mogelijkheden van tempo- of mastertracks, die standaard in de meeste muzieksoftware zit, maar weet te benutten. De artiest moet ook genoeg tijd krijgen om met de conceptopnames te repeteren. Het is geen zaak van grote-stappen-snel-thuis maar vereist een ruime voorbereiding. Voordat ik de opnames met de echte muzikanten, cello, accordeon, trompet, saxofoon, vleugel begon, had ik alles al ingespeeld met gesampelde instrumenten in de computer. Deze midi-tracks kon ik aanpassen, qua tempo en toonhoogte, aan de wensen van Leny. Als dat in kannen en kruiken was, nam ik pas de echte instrumenten op, waardoor alles echter en mooier ging klinken. Voor sommige instrumenten zoals, drums, contrabas, marimba en percussie bleef ik de sampler gebruiken. Tijdrovend? Zeker, maar het werkte.
Voordelen
Bij een monoloog-voorstelling als Leontien kan een live orkest op het toneel storend werken en voor het toneelbeeld biedt de aanpak met orkestband meer mogelijkheden. Zo had ik sommige orkestgedeeltes extreem gefilterd omdat die uit de luidspreker aan de wand van de woonwagen leken te komen. Dat fungeerde zogenaamd als intercom zodat Leontien kon horen hoever de voorstelling in de circustent inmiddels gevorderd was. In de podcast op SoundCloud is dit te horen. Met een live orkest zou je dit effect moeilijker kunnen bereiken. Een ander voordeel is dat de geluidstechnicus tijdens de voorstelling een goede balans kan maken tussen zang en orkestband, want er komt geen oncontroleerbaar geluid vanaf het podium. Vooral de lage frequenties, van basgitaar en bassdrum willen nogal eens problemen veroorzaken in een schouwburgzaal.
Niet voor niets zit het orkest bij veel musicals tegenwoordig vaak, onzichtbaar voor het publiek, in een akoestisch geïsoleerde ruimte. Voor de componist en arrangeur ten slotte is een orkestband vrij ideaal, zeker als er budget is om echte musici op te nemen. Je kunt onbelemmerd kleuren, zonder dat je rekening hoeft te houden met de samenstelling van het begeleidende ensemble. Als je in maar twee nummers trompet gebruikt, hoef je je niet af te vragen wat die trompettist in alle andere nummers moet doen. Een probleem waar je geen last van hebt bij multi-instrumentalisten zoals John Eskes of Anke Piersma.
Als componist heb ik heel wat ervaring opgedaan door muziek te schrijven voor zowel theater- als videoproducties, over de meest uiteenlopende onderwerpen en in een waaier van muziekgenres. Iemand onderwijzen in componeren is onmogelijk, maar je kunt wel veel leren door composities van anderen te spelen, vooral als je dat werk bewondert. Als je tijdens het instuderen de muziek analyseert met de ogen/oren van een componist, kan dat een bron van inspiratie zijn. Op die manier heb ik veel geleerd van mijn collega-componisten als John Eskes, Peter Sijbenga en vooral van Cees Bijlstra, die ook door John als een van zijn belangrijkste leermeesters werd beschouwd, zeker op het vlak van componeren op een tekst. Leren van iemand wil niet zeggen dat je hem gaat nadoen, maar je ontwikkelt een groter scala aan mogelijkheden.
Toen Cees in 2004 onverwachts overleed, schreef ik het volgende op mijn website:
Cees Bijlstra (1946-2004)

In 1978 werd ik gevraagd om bij cabaretier Rients Gratama te komen werken als pianist/componist. Cees Bijlstra, die ik toen nog niet kende, hield ermee op. Uit de reacties van andere collega-muzikanten begreep ik al snel, dat Cees niet de eerste de beste was. En dat zou ik spoedig daarna ook zelf ondervinden, in positieve zin.
Zijn composities op de teksten van Rients Gratama en Jan Boerstoel bleken allemaal van een ongekend hoog muzikaal niveau te zijn en veel interessanter dan ik me had voorgesteld bij cabaretmuziek. Achteraf kan ik stellen dat, als ik toen had geweten wie ik ging opvolgen, ik het waarschijnlijk niet had aangedurfd gezien de staat van dienst die Cees al had, en mijn eigen onervarenheid toen.
De eerste luistersessie bij Cees thuis in Grouw, waarin hij mij opnames liet horen van het repertoire dat ik zou gaan spelen met het Rients Gratama ensemble, blijft voor mij één van de belangrijkste momenten in mijn loopbaan. De eenheid van tekst en muziek, de wondermooie harmonieën, de verrassende wendingen in de prachtige melodielijnen en de opvallend eigentijdse opvattingen over de arrangementen maakten, dat ik veel zin kreeg aan deze nieuwe baan. Tegelijkertijd ontstond er bij mij twijfel of ik dit niveau wel aan zou kunnen. Cees heeft mij al vanaf het begin het vertrouwen gegeven dat ik het wel zou kunnen, en daar ben ik hem nog altijd dankbaar voor. Door zijn composities te spelen heb ik meer geleerd over muziek dan van alle lessen harmonieleer en contrapunt op het conservatorium bij elkaar.
Taal op it spoar
Een goed voorbeeld van een compositie van Cees is Do op een tekst van Leo Dijkstra, gemaakt voor Omroep Friesland en opgenomen in het theaterprogramma Taal op it spoar seizoen 2018-2019. Do wordt hier gezongen door Hiske Oosterwijk en begeleid door Addy Scheele – piano & Rhodes en Anke Piersma – accordeon.
Toen ik deze tekst schreef, hadden we net op 22 december 2019 de laatste voorstelling gespeeld van Taal op it spoar. Die dernière beschouw ik als mijn laatste optreden als pianist. Voor dit programma schreef Leo Dijkstra een liedtekst over Cees, een in memoriam. Het was voor mij een eer om dit op muziek te mogen zetten. Het begin van mijn loopbaan in de wereld van theater en muziek en de afsluiting ervan kwamen bijzonder mooi bij elkaar. Leny Dijkstra – zang, Anke Piersma – accordeon, Addy Scheele – piano & compositie. De andere liedjes uit dit programma staan ook in deze fotoclip.
Op YouTube is de indeling in hoofdstukken te zien.
[Taal op it spoar programmaboekje]
[Kijk op het Noorden interview Cees]
Naar de volgende pagina 02 Iedereen heeft een auto
We hebben ons uiterste best gedaan om bronnen en rechthebbenden van het beeldmateriaal te achterhalen.
Wanneer desondanks beeldmateriaal wordt getoond waarvan je (mede-)rechthebbende bent en voor het gebruik
waarvan je geen toestemming hebt verleend, verzoeken we je een mail te sturen aan addyscheele@gmail.com
